Aardgaswinning in de Waddenzee


De Waddenzee is het grootste aaneengesloten natuurgebied van Europa, vanaf Texel t/m een groot deel van Denemarken. Het kent een ecologisch uniek milieu, door het warme ondiepe water dat zich met het getijde terugtrekt uit een groot deel van het wad. Meer dan 250 dier- en plantensoorten komen alléén in de Waddenzee voor. Sinds 2005 staan het Duitse en Nederlandse deel van de Waddenzee op de lijst die UNESCO bijhoudt van werelderfgoed.

Het Nederlandse Waddengebied (de Waddenzee met aangrenzend deel Noordzee en vasteland) kent diverse (diepe en ondiepe) voorkomens van delfstoffen. Kort na de publicatie van IPCC 4AR verscheen de planologische kernbeslissing Derde Nota Waddenzee, waarin onder andere het rijksbeleid ten aanzien van delfstoffenwinning is vastgelegd, onder "Ruimte voor menselijke activiteiten", aandachtspunt "k" (11). Voornamelijk ter voorkoming van ongewenste milieu-effecten is de winning van delfstoffen in het Waddengebied gebonden aan bepaalde restricties en enkel toegestaan bij winvergunning. Zo is de winning van zand en schelpen alleen toegestaan bij het uitdiepen van vaargeulen. Steenzout (haliet) wordt momenteel alleen gewonnen vlak achter de Waddendijk bij Harlingen. De belangrijkste delfstof in het Waddengebied is aardgas. Het grote aardgasveld van Slochteren in Groningen strekt zich ten dele uit onder de Waddenzee en daarnaast komen in het gebied diverse kleinere velden voor.

Volgens de Derde Nota Waddenzee bestaat voor het grootste deel van de Friese en Groningse Waddenzee een winvergunning. Ter voorkoming van ecologische verstoring en tot behoud van het open landschap is boren in de Waddenzee echter niet langer toegestaan. Het gas onder de Waddenzee mag dus gewonnen worden, maar de boorinstallaties moeten aan de randen van het gebied staan. Het Waddengas in het Slochteren-veld wordt ook aangesproken door een centrale boring in Groningen. De kleinere, geïsoleerde velden kunnen schuin aangeboord worden, bijvoorbeeld vanaf Ameland of het vasteland.

Door boren in de Waddenzee te verbieden wordt het risico op ecologische aantasting ten gevolge van visuele verstoring, geluidshinder en chemische vervuiling sterk beperkt. De unieke ecologische waarde van de Waddenzee is echter sterk gebonden aan de ondiepte ervan, zodat het vierde risico van delfstoffenwinning, bodemdaling, de belangrijkste mag heten. Over de veronderstelde bodemdaling ten gevolge van gaswinning onder de Waddenzee bestaat veel onenigheid. In theorie leidt de winning van iedere kubieke meter delfstof tot een bodemdaling van dezelfde omvang, die bij aardgaswinning, afhankelijk van de resistentie van het dragende gesteente, echter vertraagd plaatsvindt en die daarnaast in het dynamische waddensysteem niet altijd (direct) aan het oppervlak waarneembaar is. Zo kwam het onderzoek "Integrale Studie Bodemdaling Waddenzee (IBW)" van de NAM uit 1998 niet verder dan te wijzen op de te verwachten herverdeling van zand binnen het Waddensysteem, die eventuele bodemdaling gemakkelijk zou kunnen compenseren. De sedimentbeschikbaarheid in het gebied is echter niet oneindig, zodat een netto bodemdaling wel mogelijk is. Het mechanisme van bodemdaling is in de Waddenzee niet feitelijk anders dan op het vasteland. Ook daar treed bodemdaling op ten gevolge van delfstoffenwinning. Ten gevolge van zoutwinning zal de uiteindelijke bodemdaling bij Tzummarum in Friesland meer dan 30 cm bedragen, waarbij het verwachte dalingsgebied ook een aangrenzend deel van de Waddenzee betreft. Uit onderzoek is ook een maximale bodemdaling (op het vasteland) ten gevolge van gaswinning rond Slochteren vastgesteld. Deze zou rond het jaar 2050 in het centrum van het gasveld ongeveer 40 cm bedragen en ook in het aangrenzende deel van de Waddenzee plaatshebben. In het Eems-Dollard-gebied kan de uiteindelijke bodemdaling meer dan 30 cm bedragen.

Onder de Waddenzee is ook een gasvoorraad aanwezig. De Nederlandse Aardolie Maatschappij wil deze al lange tijd winnen (2005) maar dit leidde altijd tot groot protest ten opzichte van de implicaties die winning voor de ecologie in de Waddenzee zou inhouden. Een oplossing die gevonden werd was schuin boren; de boorinstallaties worden op het vasteland (buiten de Waddenzee) gebouwd, waarna het gat schuin naar onder de Waddenzee geboord wordt, om zo de gewenste gasbel te bereiken. Een oplossing, die in ieder geval grote bouwwerkzaamheden in de Waddenzee vermijdt.

Bodemdaling wordt hierdoor niet tegengegaan – dit wordt veroorzaakt door extractie van het gas uit de bron, met drukvermindering in het reservoir en inzakking van het reservoirgesteente tot gevolg. De ecologische waarde van de Waddenzee ligt in de matige diepte van het water en vooral het bestaan van getijdegeleide overstroming van het gebied. Door bodemdaling vermindert dit, daar het systeem meer onder water staat wanneer de bodem daalt. Tegelijk is er sprake van het broeikaseffect, waardoor de zeespiegel de komende decennia (waarschijnlijk) zal stijgen; een bodemdaling en een zeespiegelstijging leiden samen tot meer water in de Waddenzee, wat schadelijk kan zijn. De NAM probeerde dit argument te ontkrachten met het ‘hand aan de kraan’-principe: wanneer bodemdaling zou optreden, wordt de gaswinning onmiddellijk stopgezet. Door de grote onzekerheid omtrent precieze bodemdalingen (gelaagdheid bodem, vorm van gasreservoirs) is het onduidelijk of bodemdaling zal optreden, maar wanneer dit gebeurt wordt door groeperingen tegen de Waddenzee-boringen verwacht dat het ‘hand aan de kraan’-principe niet werkt, omdat bodemdalingen pas inzetten lang na winning, en lang doorgaan nadat dit beëindigd is.

In 2006 is door de Tweede Kamer het besluit genomen om boren in de Waddenzee toe te staan, onder de voorwaarde van het schuin boren. Het economische aspect (vergroting van de aardgasbaten) won het van het milieu-aspect (bodemdaling) omdat dit in waarde verminderde door het plan om schuin te boren. Een beslissing die genomen is onder invloed van lobbygroepen van beide kanten (gassector en milieugroeperingen), en onderhevig is aan complexe technische detaillering. Wanneer onomstotelijk zou blijken dat de Waddenzee als uniek natuurgebied zou verdwijnen zou boring nooit toegestaan zijn, en wanneer onomstotelijk zou zijn bewezen dat schuin boren geen enkele invloed op het milieu zou hebben gehad was dit reden geweest onmiddellijk met boren te beginnen.

Laatste wijziging: 18-11-2015
Creative Commons-Licentie
Deze publicatie valt onder een Creative Commons licentie. Zie hiervoor het colofon.