Afvalwaterzuivering


Afvalwaterzuivering vindt in twee stappen plaats:
• De mechanische of primaire zuivering waarbij grove deeltjes en niet opgeloste afvalstoffen verwijderd worden
• De biologische of secundaire zuivering waarbij zwevende deeltjes en opgeloste stoffen verwijderd worden. Bij hoge concentraties fosfaat in het afvalwater wordt er nog een chemische zuivering gedaan voor de fosfaatverwijdering.


Figuur 1. Afvalwaterzuiveringsinstallatie in Antwerpen (bron: Wikimedia Commons)

Mechanische of primaire zuivering

De eerste stap in de zuivering van afvalwater is het verwijderen van niet-opgeloste materialen. De grootste onzuiverheden (hout, steentjes, papier, plastics) worden met roosters verwijderd (zie de foto in figuur 2). Daarna worden voorbezinktanks gebruikt (zie foto in figuur 3). Dit zijn de grote blikvangers van afvalwaterzuiveringsinstallaties: de typische grote ronde bekkens gevuld met water. Het water komt in het midden binnen en stroomt langzaam naar de buitenkant. Zware deeltjes zakken onderweg naar de bodem en vormen slib. Op de foto zijn de schrapers te zien die het slib continu van de bodem weggeschrapen en afvoeren. Wanneer afvalwater veel zand bevat, wordt gebruik gemaakt van een zandvanger, een slimme overstroomconstructie waarbij het water zo langzaam stroomt dat de zanddeeltjes achterblijven (Wikipedia 2013ew).


Figuur 2. Mechanische zuivering met een rooster (bron: Wikimedia Commons)


Figuur 3. Bezinktank (leeg) (bron: Wikimedia Commons)

Biologische of secundaire zuivering

Opgeloste en organische stoffen in het water worden verwijderd door gebruik te maken van bacteriën en andere kleine organismen. Het rioolwater wordt in een selectortank gemengd een zogenaamde 'actieve slibmassa'. In een beluchtingbekken wordt het mengsel belucht: door ronddraaiende borstels of schroeven worden grote hoeveelheden zuurstof ingebracht. De organismes breken het organische materiaal aëroob af tot tot koolstofdioxide (CO$_2$), stikstofgas (N$_2$) en water (H$_2$O). Door de keuze van de organismes en het inbrengen van veel zuurstof verloopt het proces in een zuiveringsinstallatie met hoge snelheid (Aquafin 2013w).

Nabezinking

Na de biologische zuivering wordt het actieve slib gescheiden van het gezuiverde water in grote ronde nabezinktanks (zie foto in figuur 4, net zoals bij de verontreinigingen in de voorbezinktanks). Door een voldoende lange verblijftijd en een rustige stroming zakt het slib naar de bodem van de tank. Daar leidt een bodemschraper het slib naar een centrale put. Bovenaan bevindt zich het gezuiverde water (effluent), dat zachtjes overstort en via een meetinstallatie naar een nabije waterloop stroomt. Een groot deel van het slib wordt verzameld in een selectortank om te worden hergebruikt. Omdat het slib groeit wordt ontstaat een overschot, zogenaamd spuislib. Dat wordt meestal afgevoerd naar afvalverbrandingsinstallaties (Aquafin 2013w).


Figuur 4. Nabezinktank in de Harnaschpolder, de dichstbijzijnde afvalwaterzuiveringsinstallatie (bron: Wikimedia Commons)

Bronnen

Aquafin 2013w,
Aquafin 2013w, Aquafin - Rioolwaterzuiveringsinstallatie - In een rioolwaterzuiveringsinstallatie, geraadpleegd 25 november 2013
Wikipedia 2013ew, Wikipedia 2013 - Rioolwaterzuiveringsinstallatie, geraadpleegd 25 november 2013

Laatste wijziging: 03-02-2016
Creative Commons-Licentie
Deze publicatie valt onder een Creative Commons licentie. Zie hiervoor het colofon.