Schaliegas


Schaliegas is aardgas dat opgesloten zit in steenachtige bodemlagen, ook wel 'schalies' genoemd. Conventioneel aardgas zit opgeslagen in zandsteen. Schalielagen hebben een veel lagere permeabiliteit dan zandsteen waardoor het veel moeilijker om schaliegas te winnen dan aardgas. De boortechniek is daardoor ook anders. Boren naar schaliegas gebeurd door eerst verticaal de grond in te boren, net zoals bij een conventionele boring. Daarna volgt een horizontale boring. Vervolgens worden er kleine fracks gecreëerd door gerichte explosies. Deze fracks worden uitgebreid door onder hoge druk fracking vloeistof de grond in te pompen. Deze fracking vloeistof bestaat uit een mengsel van water, zand en chemicaliën. Door de druk ontstaan er scheurtjes in de aardlaag en komt het gas vrij. Het zand in de fracking vloeistof zorgt ervoor dat de scheurtjes niet meteen dichtvallen zodat het aardgas vrijelijk naar de boorput kan stromen (zie het onderstaande figuur). Een animatie van dit proces is te vinden via deze link: fracking filmpjew.


Proces van schaliegaswinning. Bron: Zijp 2012w, pagina 1.

De samenstelling van de chemicaliën is afhankelijk van de ondergrond. Bij een proefboring in Boxtel zou het gaan om twee chemicaliën: polyacrylamide en glutaraldehyde. Polyacrylamide is een verdikkingsmiddel dat zorgt dat het water de juiste viscositeit krijgt. Glutaraldehyde is een bacteriëndodend middel dat algengroei voorkomt Als er drinkwater gebruikt zou worden voor de fracking vloeistof, dan is het laatste middel niet nodig (De Vries et al. 2013).

Voorraden

Het is lastig om de voorraden schaliegas juist in te schatten. Eigenlijk moeten er een aantal proefboringen gedaan worden om te kijken hoeveel schaliegas er in de schalielagen zit. Huidige schattingen worden altijd omgeven met een voorzichtigheid. Eigenlijk weet je pas wat er zit als je daadwerkelijk gaat boren. De VS heeft grote voorraden en daar wordt schaliegas al op grote schaal gewonnen. In Polen blijkt er vooralsnog veel minder te zitten dan verwacht. In de UK zijn na de eerste boringen de schattingen juist naar boven bijgesteld. Recente gegevens schatten dat de grootste winbare mondiale hoeveelheden schaliegas te vinden zijn in China, Argentinië, Algarije, VS, Canada, Mexico en Australië (EIA 2013w).

In sommige schalielagen zit geen gas, maar olie. Dit heet dan schalie-olie. Schalie-olie zit waarschijnlijk voornamelijk in Rusland, VS, China, Argentinië en Libië. De figuur hieronder geeft een recente inschatting van de wereldwijde hoeveelheden schaliegas en schalie-olie.


Schattingen van wereldwijde schaliegas- en schalie-olievoorraaden. Bron: EIA 2014w

In Nederland zitten twee schalieformaties in de grond (zie onderstaande figuur). De Posidonia schalie formatie en de Greverik laag op een diepte van 2 tot 4.5km. De Posidonia formatie heeft een dikte van ongeveer 30 meter. Het Greverik Laagpakket is zo’n 50 meter dik (Zijp 2012w). In deze lagen zit waarschijnlijk schaliegas, maar zonder proefboringen is het lastig om te bepalen wat de concentratie is van het schaliegas in de lagen. Deze concentratie kan ook sterk verschillen op verschillende locaties binnen een laag.

De afgelopen jaren zijn ook de Nederlandse schattingen regelmatig bijgesteld. In 2011 schatte de U.S. Energy Information Administration de technisch winbare schaliegasvoorraden op 481 miljard m$^3$ (EIA 2011w). In 2013 werd die verwachting bijgesteld tot 736 miljard m$^3$ (EIA 2013w).
Minister Kamp gaat ervan uit dat de Nederlandse winbare schaliegasvoorraden tussen de 200-500 miljard m$^3$ liggen (Rijksoverheid 2013w). Een dergelijke voorraad zou neerkomen op een binnenlands gasverbruik van 4-10 jaar. Indien schaliegas winning door zou gaan, dan is de schatting dat er jaarlijks zo’n 2-4 miljard m$^3$ gewonnen zou worden. Dit zou neerkomen op 130-200 miljoen euro extra per jaar voor de schatkist (De Vries et al. 2013).


Schaliegaslagen in Nederland. Bron: Zijp 2012w, pagina 2.

Risico’s en acceptatie

Op dit moment wordt er niet naar schaliegas geboord in Nederland. Er is ook veel maatschappelijke weerstand tegen proefboringen. Verschillende actorgroepen schatten de risico’s anders in.

In augustus 2013 werd een onderzoek dat in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken door het ingenieursbureau Witteveen & Bos was uitgevoerd over de veiligheid van schaliegaswinning openbaar. Dit onderzoek concludeerde dat de risico’s van schaliegaswinning in Nederland beheersbaar zijn. Het onderzoek kreeg veel kritiek omdat het te weinig aandacht zou hebben voor bovengrondse effecten van schaliegaswinning en het concept veiligheid te beperkt opvatte. Aspecten zoals kwaliteit van de leefomgeving alsmede de gevolgen voor ruimtelijke kwaliteit en de natuur zouden te beperkt naar voren komen (Commissie M.E.R. 2013w). Dit heeft geleid tot het instellen van een nieuw en breder onderzoek dat eind dit jaar klaar zal zijn en tot die tijd zullen er in Nederland geen boringen plaatsvinden.

Hierbij wordt meteen duidelijk dat het mogelijk is om op verschillende manieren naar schaliegaswinning te kijken. Antwoorden op de vraag of een risico acceptabel is hangt dus deels af welke aspecten als belangrijk worden gezien en meegenomen worden in de afweging. Het nieuwe onderzoek vanuit het ministerie van Economische Zaken rekt het kader dat als relevant gezien wordt verder op dan het rapport van Witteveen & Bos. Die bredere opvatting leefde op dat moment al in de maatschappij. Dat was onder meer zichtbaar in een intens, en gepolariseerd, publiek debat.

De argumentenkaart van TNOw geeft een aardig beeld van de verschillende argumenten die actoren voor en tegen schaliegas kunnen aandragen in Nederland.

Verschillen in deze kaarten geven niet alleen weer dat er een verschil is tussen de argumenten in Nederland en die van Europa, het ook dat argumenten zich kunnen ontwikkelen en dat er nieuwe argumenten in het debat kunnen komen en anderen uit het debat kunnen verdwijnen. Zo’n zelfde ontwikkeling kan ook plaatsvinden in wat verschillende actorgroepen (of de maatschappij) als geheel als acceptabele risico’s ziet.

Om meer gevoel te krijgen met de mogelijke bezwaren die in de maatschappij leven stippen we er enkele aan. Het is hier niet de bedoeling om een uitputtend beeld te geven van alle mogelijke bezwaren en inschattingen van de risico’s van de verschillende actorgroepen. Het is meer om een idee te krijgen dat je tegen dezelfde feiten en onzekerheden anders kunt aankijken.

Seismiek is een van de risico’s die met schaliegas in verband gebracht wordt. De seismische risico’s die met schaliegaswinning gepaard gaan in principe kleiner dan de seismische risico’s van conventionele gaswinning. Conventioneel gas ligt opgeslagen in zandsteen. Deze steensoort heeft een lage permeabiliteit waardoor het gas er gemakkelijk uitstroomt. Door de verwijdering van het gas kan het gesteente gemakkelijk inzakken omdat er ruimte is ontstaan. Bij schaliegas ligt dat anders doordat het gesteente een hoge dichtheid heeft. Na verwijdering van het gas is er weinig ruimte voor inzakking. Een ander risico op seismische activiteit ontstaat als winning nabij een natuurlijke breuklijn plaatsvindt.

Deze natuurlijke breuklijnen lopen door de aardlagen en zorgen ervoor dat de aarde gemakkelijker in beweging gebracht kan worden langs deze lijnen. Het wordt dan lastig om in te schatten wat het risico op seismische activiteit is en hoe groot de seismische beweging dan zal worden als schaliegaswinning in de buurt van deze breuklijnen plaats zou vinden. In Noord-Brabant lopen veel van deze breuklijnen. En dat is nu juist een van de regio’s waar naar verwachting ook veel schaliegas zit.

Een ander risico zijn mogelijke lekkages langs de boortoren. Dit heeft in de VS enkele malen tot problemen geleid. In Nederland zijn de wet en regelgeving rondom boringen veel strenger. Hierdoor wordt de kans op dergelijke lekkage veel kleiner. Een concreet voorbeeld vormt de casing van de boorput. De casing van de boorput is de afdichting van het boorgat in de ondergrond. Dit gebeurd met een stalen buis en een laag cement. In de VS is deze soms enkelwandig terwijl het in Nederland rondom de water aquifers driewandig uitgevoerd zou worden.

Dit is een technische oplossing die een specifiek risico sterk beperkt. Vervolgens is het een inschatting of het resterende risico acceptabel is. Volledig, 100%, veilig is namelijk met geen enkele techniek mogelijk, dus ook niet bij schaliegaswinning. De risico-inschatting en acceptatie kan per actorgroep verschillen.

Zo zijn drinkwaterbedrijven bijvoorbeeld erg kritisch ten aanzien van schaliegaswinning. Zij zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit van het drinkwater en zien dat veel schaliegasgebieden tevens waterwingebieden zijn. Volgens Vitens ligt ongeveer een kwart van hun waterwingebieden in een gebied waar ook schaliegas in de grond zit (Vitens 2013aw). Oasen heeft een kaart met overlappende gebieden van heel Nederland op haar website staan (zie onderstaande figuur). Zij vinden de extra casing van boortorens onvoldoende en daarnaast hebben zij verschillende andere bezwaren zoals het risico voor besmetting van het grondwater van bovenaf door lekkage of ongelukken met frackingvloeistof dat doorsijpelt naar het grondwater (Vitens 2013bw). Ook denken ze dat er mogelijk (zeer) lange termijn effecten zijn die we nu mogelijk nog niet kunnen overzien. Verschillende andere actoren schatten deze risico’s wat lager in dan de waterbedrijven.


Overlap schalielagen en grondwaterwinning (zonder diepte weergave). Bron: Oasen 2013w
.
Een ander argument dat wel eens gebruikt wordt is het gebruik van oppervlakte of drinkwater voor het fracken. Omdat dit type water in de toekomst in toenemende mate schaars wordt, zou het een overweging kunnen zijn dit zoete water voor andere doeleinden te gebruiken. Voor bijvoorbeeld de landbouw of als drinkwater. Relevant hierbij is de internationale schaarste van water. Concreet zou de levering van water als component van de fracking vloeistof in Nederland op dit moment geen probleem zijn.

Met deze kleine greep uit de stellingen en argumenten wordt het al snel duidelijk dat er veel voor en tegens zijn en dat verschillende actoren andere belangen hebben en andere inschattingen van (aanvaardbare) risico’s. Alleen met de feiten wordt het lastig om consensus te bereiken over de (on)wenselijkheid van schaliegas. Hiervoor is ook een dialoog nodig over wat de verschillende actorgroepen en de maatschappij als geheel acceptabel vinden. Daarbij is het ook van belang dat er goede procedures zijn waarin alle actoren vertrouwen hebben zodat er een breed gedragen besluit kan worden genomen.

Bronnen

EIA 2013w,
Zijp 2012w,
Commissie M.E.R. 2013w, Beoordeling effectenstudie schaliegaswinning, Advies commissie M.E.R., 19 september 2013, geraadpleegd 6 februari 2014.
De Vries et al. 2013,
EIA 2011w, Technically recoverable shale oil and shale gas resources, U.S. Energy Information Administration, geraadpleegd 31 januari 2014.
EIA 2013w, Technically recoverable shale oil and shale gas resources, U.S. Energy Information Administration, geraadpleegd 31 januari 2014.
EIA 2014w, EIA, Analysis & Projections, Technically Recoverable Shale Oil and Shale Gas Resources: An Assessment of 137 Shale Formations in 41 Countries Outside the United States. Geraadpleegd, 7 februari 2014
Oasen 2013w, Trouw: schaliegaszone overlapt veel Nederlandse grondwaterwinningen, Oasen Drinkwater, geraadpleegd 7 februari 2014
Rijksoverheid 2013w, Antwoord van de Minister van Economische Zaken op door belanghebbenden gestelde beleidsvragen die niet zijn voorgelegd aan Witteveen & Bos, geraadpleegd 6 februari, 2014
Vitens 2013aw, Kwart waterwingebieden in ‘schaliegaszone’, Vitens, geraadpleegd: 7 februari 2014
Vitens 2013bw, Zorgen schaliegas drinkwaterwinning, Vitens, geraadpleegd 7 februari 2014
Zijp 2012w, Zijp M., (2012) “Schaliegas in Nederland: potenties en risico’s”, Geografie, KNAG, 21:3(6-9)

Laatste wijziging: 09-01-2019
Creative Commons-Licentie
Deze publicatie valt onder een Creative Commons licentie. Zie hiervoor het colofon.